Adem fotos1

Waarom de vrouwelijke ademhaling een eigen gebruiksaanwijzing heeft

Ademhalen doen we allemaal, zo’n 20.000 keer per dag. Het is de afstandsbediening van ons zenuwstelsel, onze energiebron en de basis van onze focus. Maar wist je dat bijna al het wetenschappelijk onderzoek naar ademhaling jarenlang gebaseerd was op… mannen?

Het resultaat? Veel vrouwen weten niet dat hun biologie, hormonen en levensfase hun ademhaling fundamenteel beïnvloeden.

1. De anatomie: Klein maar dapper (en harder werkend)

Zelfs als we kijken naar lichaamsbouw, is het vrouwelijk ademhalingssysteem uniek. Vrouwen hebben over het algemeen kleinere longvolumes, smallere luchtwegen en een compactere ribbenkast. Ook de middenrifspier – de motor van je ademhaling – is bij vrouwen gemiddeld 9% korter.

  • De impact: Je lichaam moet fysiek harder werken om dezelfde hoeveelheid lucht te verplaatsen, vooral tijdens het sporten.

2. Het verschil in ademfrequentie: Het gaat niet alleen om snelheid

Ademhaling meten we op twee manieren: hoe vaak je ademt per minuut (frequentie) en hoe groot elke teug is (volume). Gemiddeld ademt een gezonde volwassene in rust zo’n 10 tot 12 keer per minuut. Met elke ademteug verplaats je ongeveer 500 milliliter lucht, wat neerkomt op zo’n 6 liter per minuut.

Bij de gemiddelde ademhaling van een vrouw vertelt alleen het aantal ademhalingen echter niet het hele verhaal. Het verschil tussen mannen en vrouwen zit hem namelijk ook in de grootte van de teug. Omdat vrouwen over het algemeen een kleiner longvolume hebben, kan hun ventilatiepatroon behoorlijk afwijken, zelfs als ze binnen de ‘normale’ marges blijven.

Dit verklaart de subtiele verschillen in patronen en geeft antwoord op de veelgestelde vraag of vrouwen sneller ademen dan mannen. De totale ventilatie wordt namelijk bepaald door de combinatie van tempo én volume, niet door snelheid alleen.

Bovendien stijgt de ventilatie tijdens de zwangerschap en de luteale fase (de periode na de eisprong) onder invloed van progesteron. Dit laat zien dat vrouwen niet per se ‘meer’ ademen, maar dat hun ademhalingspatronen voortdurend worden gevormd door hun hormonale huishouding.

3. De menstruatiecyclus verandert je adempatroon

De ademhaling van een vrouw verschuift op natuurlijke wijze gedurende de menstruatiecyclus. Een typische cyclus bestaat uit de folliculaire fase, de eisprong en de luteale fase, en elke fase brengt hormonale veranderingen met zich mee die de ventilatie beïnvloeden.

Na de eisprong stijgt de spiegel van het hormoon progesteron, dat werkt als een directe stimulans voor de ademhaling. Tijdens deze luteale fase gaat de ademhaling omhoog en kan het koolstofdioxidegehalte (CO₂) in het bloed merkbaar dalen. Dit verklaart waarom vrouwen op bepaalde momenten in de maand sneller ademen, zelfs als er geen sprake is van longproblemen.

Een onderzoek uit 2000 bevestigde al dat de ademfrequentie toeneemt zodra progesteron stijgt. Doordat de CO₂-waarden dalen, ervaren sommige vrouwen vlak voor hun menstruatie een gevoel van ‘luchthonger’ of kortademigheid.

Deze cyclische veranderingen onderstrepen een duidelijk verschil tussen mannelijke en vrouwelijke ademhalingspatronen. Na de overgang stabiliseren deze patronen zich meestal weer, wat nogmaals bewijst dat de vrouwelijke ademhaling sterk wordt beïnvloed door hormonen.

4. Vrouwen zijn gevoeliger voor een snelle ademhaling en CO₂-schommelingen

Vrouwen hebben van nature vaak een lagere basiswaarde van koolstofdioxide (CO₂), waardoor hun ademhalingssysteem sneller reageert op veranderingen. Wanneer hormonale schommelingen samenkomen met stress, wordt deze gevoeligheid extra merkbaar.

Hyperventilatie komt dan ook vaker voor bij vrouwen, vooral in de premenstruele fase of tijdens periodes van emotionele spanning. Dit geeft een duidelijk beeld van de oorzaken achter een versnelde ademhaling en verklaart waarom sommige vrouwen het gevoel hebben dat ze zelfs in rust sneller ademen.

Omdat koolstofdioxide essentieel is voor het reguleren van je ademprikkel, kunnen zelfs kleine dalingen al symptomen triggeren. Denk hierbij aan duizeligheid, angstgevoelens, een beklemmend gevoel op de borst of vermoeidheid.

Dit alles zorgt voor een meetbaar verschil in de ademhalingsfrequentie tussen mannen en vrouwen in stressvolle situaties. Het verklaart bovendien waarom vrouwen vaker ongemak ervaren bij het ademhalen dan mannen.

5. Vrouwelijke hormonen beïnvloeden astma en de gezondheid van de longen

Aandoeningen aan de luchtwegen uiten zich bij vrouwen vaak anders. Zo komt astma vaker voor bij volwassen vrouwen dan bij mannen, wat de duidelijke verschillen tussen het mannelijke en vrouwelijke ademhalingssysteem onderstreept.

Symptomen schommelen bovendien vaak mee met de menstruatiecyclus. Veel vrouwen geven aan dat hun astma verergert en dat ze zich kortademiger voelen vlak voor hun menstruatie. Dit komt doordat hormonale verschuivingen invloed hebben op de spanning van de luchtwegen en de gevoeligheid voor ontstekingen. Geslachtshormonen sturen namelijk zowel de ventilatie als de reactiviteit van je longen aan.

Ook op de lange termijn bepaalt je hormonale tijdlijn de gezondheid van je longen. Zo wordt een vroege eerste menstruatie (menarche) in verband gebracht met een hoger risico op ademhalingsproblemen op latere leeftijd. Ook zwangerschap en de overgang kunnen de ernst van astma beïnvloeden. Al deze patronen laten zien dat de longgezondheid van de vrouw onlosmakelijk verbonden is met haar hormonale status.

6. Chronische pijnklachten en de link met je ademhaling

De manier waarop je ademt, heeft een directe invloed op hoe gevoelig je bent voor pijn. Neem bijvoorbeeld fibromyalgie, een aandoening die hoofdzakelijk vrouwen treft: de klachten verergeren vaak tijdens de luteale fase (na de eisprong). Het lijkt erop dat de hormonale schommelingen en de veranderde ademhaling in deze periode de ernst van de symptomen beïnvloeden.

Een ontregelde ademhaling is niet de oorzaak van deze aandoeningen, maar het kan de pijn wel intensiveren. Een hoopgevend onderzoek uit 2018 toonde aan dat ademhalingsprogramma’s van 8 tot 12 weken zorgden voor een verbetering in pijnbeheersing, vermoeidheid en slaapkwaliteit.

Gestructureerde ademhalingstechnieken kunnen de ernst van de symptomen bij vrouwen dus flink verminderen. Dit geldt ook voor kaakklachten (TMD), die tot wel twee keer vaker voorkomen bij vrouwen en meeschommelen met de hormoonspiegel.

Hoe dat werkt? Hyperventilatie zorgt voor een lager koolstofdioxidegehalte, wat spierpijn kan versterken. Ook migraine wordt vaak gelinkt aan ‘overademen’. Al deze patronen laten zien dat de specifieke manier waarop vrouwen hun ademhaling reguleren, medebepalend is voor hoe zij pijn ervaren.

7. Slaap- en angstpatronen verschillen bij vrouwen

Ademhalingsproblemen tijdens de slaap volgen bij vrouwen een heel duidelijk hormonaal pad. Vóór de overgang hebben vrouwen een aanzienlijk lagere kans op obstructieve slaapapneu (OSA) dan mannen. Echter, na de menopauze stijgt dit risico met maar liefst 200%, los van andere risicofactoren zoals gewicht.

Ook zwangerschap verhoogt de kans op slaapapneu met ongeveer 8%. Factoren zoals een grotere nekomtrek, neusverstopping en lichte zwelling van de keel maken de luchtwegen nauwer. In het laatste trimester zorgt de beperkte ruimte voor het middenrif bovendien voor een kleiner longvolume, wat het risico op het dichtklappen van de luchtwegen vergroot. Snurken is hierbij een belangrijke risicofactor voor een zwangerschapsverhoging van de bloeddruk.

Daarnaast komen angst- en paniekstoornissen twee tot drie keer vaker voor bij vrouwen. De symptomen verergeren vaak vlak voor de menstruatie; de daling van progesteron maakt vrouwen op dat moment kwetsbaarder. Omdat gevoeligheid voor CO₂-schommelingen direct gelinkt is aan paniek en angst, kunnen de hormonale verschuivingen die de ademhaling versnellen verklaren waarom vrouwen in bepaalde fasen van hun cyclus vaker last hebben van hyperventilatie of paniekaanvallen.

8. Vrouwen moeten vaak harder werken voor hun ademhaling tijdens het sporten

Tijdens fysieke inspanning speelt de omvang van de luchtwegen een grote rol. Vrouwen hebben doorgaans nauwere luchtwegen dan mannen van dezelfde lengte, wat bij een hoge intensiteit zorgt voor meer weerstand bij het in- en uitademen.

Een onderzoek uit 2020 toonde aan dat vrouwen bij maximale inspanning inderdaad meer luchtweerstand ervaren. Dit komt voort uit de structurele verschillen tussen het mannelijke en vrouwelijke ademhalingssysteem, waardoor ademen simpelweg mechanisch zwaarder is tijdens zware belasting.

Ook hier speelt de menstruatiecyclus een rol: je ventilatie kan per fase verschillen. Hoewel je fysieke vermogen om te presteren hoog blijft, kunnen je ademhalingsmechanica en je reactie op inspanning variëren afhankelijk van je hormoonspiegel. Dit pleit voor een trainingsaanpak die is afgestemd op het individu en de cyclus.

Functional Breathing Pattern Training for Women

Functionele ademtraining voor vrouwen is erop gericht om stabiele, dagelijkse ademgewoontes te herstellen, in plaats van te vertrouwen op af en toe een losse oefening. Wanneer je ademhaling licht, langzaam en door de neus gaat, ondersteunt dit:

    • Focus en mentale helderheid

    • Slaapkwaliteit en herstel

    • Beheersing van angst en balans in het zenuwstelsel

    • Conditie en minder snel buiten adem zijn

Op fysiologisch niveau zorgt het voor:

    • Een betere bloedsomloop

    • Verwijding van de neusgangen en bovenste luchtwegen

    • Optimale zuurstoftoevoer naar je cellen

    • Een gezonder hart en een betere regulatie van de bloeddruk

 

(bron: Oxygen Advantage)

Zonder titel (Facebookadvertentie)

My life is full vs my life is fulfilling

Een oude leidinggevende vroeg ooit op een teamdag wat onze hobby was.
Zij antwoordde zelf eerst: mijn hobby is eigenlijk mijn werk.

Ik herinner me nog hoe dat bij mij binnenkwam. Niet omdat ik dat vreemd vond, maar omdat ik plots besefte: dit klopt ook voor mij. En tegelijk voelde ik hoe weinig ik dat durfde uit te spreken. Alsof werk dat aanvoelt als een hobby niet ernstig genoeg zou zijn, of alsof passie en professionaliteit elkaar zouden uitsluiten.

Vandaag, jaren later, voelt dat alleen maar sterker. Ik heb mijn werk zo ingericht dat het echt bij mij past. Dat het aansluit op wie ik ben, wat mij drijft en waar ik energie van krijg. Je zou zonder overdrijven kunnen zeggen dat wat ik vandaag doe het verlengde is van wat ik gewoon heel graag doe. Het voelt vaak licht – ook al werk ik soms met zware thema’s. Het voelt zinvol. Ik ben 100% betrokken. Het voelt vaak gewoon als… een hobby.

Dat betekent niet dat het altijd makkelijk is. Of rustig. Mijn agenda kan goed gevuld zijn. Maar het verschil zit voor mij in hoe het voelt.

Ik heb mijn leven ook zo leren inrichten dat er ruimte is voor micromomenten. Momenten die voor de buitenwereld misschien onzichtbaar zijn, maar voor mij essentieel. Even vertragen. Even ademen. Even deconnecteren. Niet pas na het werk of in het weekend, maar tussendoor. Kleine ankerpunten op een dag.

Mijn job bestaat eruit mensen te begeleiden op knooppunten in hun leven. Momenten waarop het schuurt, vastzit of kantelt. Hen helpen hindernissen te zien, te begrijpen en erdoorheen te bewegen. Dat is intens werk, maar het is ook ongelooflijk vervullend. Ik haal daar veel energie uit.

En toch wil ik daar ook iets eerlijk bij zeggen. Zelfs wanneer je werk vervullend is, blijft het zoeken naar evenwicht. Ook voor mij. Misschien zelfs net daarom.

Ik merk dat bijvoorbeeld heel duidelijk in het combineren van mijn werk met mijn studie. Er zijn momenten waarop ik voel: dit klopt, dit daagt me uit, dit verrijkt me. En er zijn momenten waarop ik moet toegeven dat ik te veel heb opgenomen. Dat een vak te veel is. Dat het dan niet meer licht of leuk voelt, maar eerder als moeten.

Dat evenwicht vinden tussen full en fulfilling blijft dus ook bij mij een voortdurende beweging. Zeker omdat ik van nature snel enthousiast ben, veel ideeën heb en graag doelen nastreef. Dan is het risico reëel dat vervulling opnieuw begint te kantelen naar ‘overvulling’.

Ik weet van mezelf dat dit geen fase is die ooit volledig voorbij zal zijn. Het hoort bij wie ik ben. Een bezige bij. Een onrustige ziel, ook al lijk ik uiterlijk blijkbaar erg rustig 😉 En dat is oké. Zoals iedereen wel iets heeft in zijn of haar leven dat een blijvende worsteling blijft. Het punt is niet om dat weg te werken, maar om het te leren kennen en er bewust mee om te gaan.

Ik weet ook dat er periodes zijn geweest waarin mijn leven wel vol zat, maar minder vervullend aanvoelde. En dat ik dat probeerde te compenseren. Meer shoppen bijvoorbeeld. Meer externe prikkels. Meer lege opvulling. Dingen die op korte termijn iets gaven, maar me niet echt voedden.

Vandaag voel ik daar veel minder nood aan. Niet omdat mijn leven minder vol is, maar omdat het anders gevuld is. Omdat ik dingen doe die mij vanbinnen voeden, in plaats van alleen maar bezighouden.

Dat brengt me bij die metafoor: my life is full versus my life is fulfilling.

Het leven is niet zwart-wit. Het is niet of het een, of het ander. De twee lopen vaak door elkaar. Je kan een volle agenda hebben en toch veel vervulling ervaren. En je kan ook een rustiger leven hebben dat leeg aanvoelt. Het gaat niet over hoeveel je doet, maar over wat het met je doet.

Toch vind ik het een waardevolle vraag om jezelf te stellen, zeker aan het begin van het jaar: voelt mijn leven vervuld, of voelt het vooral vol?

En als het antwoord is: ik verzuip een beetje, dan geeft dat je informatie waar je iets mee kan doen.
We spreken dan vaak over ademhaling om meer rust te brengen, en terecht. Ademen helpt. Het brengt regulatie, rust en ruimte.

Maar eerlijk? Als je leven te vol zit met vanalles en nog wat, en het voelt niet oké, of het voelt als moeten, moeten, moeten… dan kan je een hele dag ademen. Als het structureel niet klopt, vraagt het leven soms om een structurele bijsturing. Soms zit de sleutel niet in hoe je ademt, maar in hoe je leeft.

De vraag is dus niet hoe het eruitziet van buitenaf.
Maar hoe het voelt vanbinnen.

Vragen rond vervulling, richting en balans zijn vaak kernvragen in coaching en loopbaanontwikkeling. In onze Basisopleiding Coaching en Loopbaancoachopleiding werken we met deze thema’s: hoe help je anderen om betekenis te vinden in hun werk en leven? Hoe reflecteer je zelf op wat vervulling betekent? Meer informatie vind je via de opleidingspagina’s.

dysfunctioneel ademen

Dysfunctioneel ademen

wanneer een vanzelfsprekend systeem onder druk komt te staan

We ademen onbewust, dag en nacht, gemiddeld tussen de zeventienduizend en twintigduizend keer per dag. Elke ademhaling heeft dezelfde eenvoudige opdracht: zuurstof naar de cellen brengen zodat voedsel kan worden omgezet in energie. Het is een systeem dat ontworpen is om vanzelf te werken, zonder dat we erover moeten nadenken. En toch gaat het daar opvallend vaak mis.

Dysfunctioneel ademen is geen zeldzaam of uitzonderlijk probleem. Integendeel. Het komt voor bij mensen met stressklachten, bij sporters, bij mensen met angst of vermoeidheid, bij perfectionisten, bij zorgverleners, en bij iedereen die langdurig onder druk staat. Het lastige is dat het vaak onopgemerkt blijft, omdat ademen nu eenmaal iets is wat we altijd doen.

Wat verstaan we onder dysfunctioneel ademen

Dysfunctioneel ademen betekent niet dat iemand “verkeerd” ademt , maar dat het adempatroon niet langer afgestemd is op wat het lichaam nodig heeft. Dat kan zich uiten in mondademhaling, hoog en oppervlakkig ademen, snel ademen, luid ademen, veel zuchten of frequent geeuwen. Vaak zijn het kleine signalen die samen een patroon vormen.

Wat deze vormen van ademen gemeen hebben, is dat ze het autonome zenuwstelsel voortdurend in een staat van verhoogde waakzaamheid houden. Het lichaam blijft als het ware klaarstaan om te reageren, ook wanneer daar geen acute reden voor is. Op korte termijn lijkt dat misschien onschuldig, maar op langere termijn put het uit.

De ademhaling als schakel tussen lichaam en brein

De ademhaling neemt een unieke plaats in binnen het autonome zenuwstelsel. Het is het enige systeem dat zowel automatisch verloopt als bewust beïnvloed kan worden. Dat maakt ademhaling tot een brug tussen het bewuste en het onbewuste.

Wanneer we inademen, stijgt de hartslag licht en wordt het sympathische zenuwstelsel geactiveerd, het systeem dat mobiliseert en energie vrijmaakt. Wanneer we uitademen, daalt de hartslag en krijgt het parasympathische zenuwstelsel meer ruimte, het systeem dat herstelt en tot rust brengt. Dit natuurlijke ritme heet respiratoire sinusaritmie en is een belangrijke indicator van flexibiliteit in het zenuwstelsel.

Bij dysfunctioneel ademen raakt dit ritme verstoord. De ademhaling wordt te snel, te groot of te oppervlakkig, waardoor het lichaam minder tijd krijgt om te herstellen. De vagale rem, die normaal gezien de stressrespons afzwakt, verliest aan effectiviteit.

De rol van koolstofdioxide

Een van de grootste misverstanden rond ademhaling is de focus op zuurstof alleen. In werkelijkheid is koolstofdioxide minstens even belangrijk. CO2 is niet zomaar een afvalproduct, maar een cruciale regulator.

Het is CO2 die de ademprikkel aanstuurt, die ervoor zorgt dat zuurstof effectief wordt afgegeven aan de cellen, die het zuur base evenwicht bewaakt en die gladde spieren helpt ontspannen, zoals die rond bloedvaten en luchtwegen. Wanneer we te veel ademen, verliezen we te veel CO2. Dat noemen we hypocapnie.

Een te lage CO2 waarde maakt het voor zuurstof moeilijker om los te komen van hemoglobine en de cellen te bereiken. Met andere woorden, iemand kan perfect “goed” ademen in termen van zuurstofopname en toch een zuurstoftekort ervaren op celniveau. Dit verklaart waarom mensen met chronische overademing klachten kunnen hebben zoals duizeligheid, vermoeidheid, concentratieproblemen, spierkrampen of een beklemd gevoel.

Mondademhaling en haar gevolgen

Neusademhaling is de natuurlijke manier van ademen. De neus verwarmt, filtert en bevochtigt de lucht, zorgt voor meer weerstand waardoor de ademhaling vertraagt, stimuleert het middenrif en activeert de nervus vagus. In de neusholtes wordt bovendien stikstofmonoxide aangemaakt, een stof die bloedvaten verwijdt, de gasuitwisseling in de longen verbetert en een belangrijke rol speelt in immuniteit en cognitieve functies.

Mondademhaling daarentegen verhoogt de bloeddruk, verlaagt de hartslagvariabiliteit, versnelt de pols, vermindert mentale helderheid en leidt tot meer vochtverlies. Op langere termijn kan het bijdragen aan snurken, slaapapneu en chronische vermoeidheid.

Ademhaling en biomechanica

Ademen is niet alleen een chemisch of neurologisch proces, maar ook een mechanisch. In rust wordt ongeveer vijfenzeventig procent van de ademhaling gedragen door het middenrif. Bij dysfunctioneel ademen nemen hulpademhalingsspieren in nek en schouders het over. Dat leidt tot spanning, hoofdpijn, kaakklachten en houdingsproblemen.

Het middenrif speelt bovendien een sleutelrol in de intra abdominale druk, die nodig is voor stabiliteit van de romp en bescherming van de wervelkolom. Functioneel ademen ondersteunt dus niet alleen rust en focus, maar ook beweging, houding en blessurepreventie.

Van bewustwording naar regulatie

De eerste stap in het herstellen van een functionele ademhaling is niet corrigeren, maar waarnemen. Leren voelen hoe je ademt, wanneer je adem versnelt, waar spanning ontstaat en hoe je lichaam reageert op stress. Pas vanuit die gewaarwording kan regulatie ontstaan.

Trager en minder ademen, langer uitademen dan inademen, ademen door de neus en het middenrif opnieuw ruimte geven zijn eenvoudige maar krachtige ingrepen. Ze verlagen de gevoeligheid voor CO2, normaliseren het ademvolume en verbeteren de zuurstofafgifte aan de cellen.

Functioneel ademen als basis van veerkracht

Functioneel ademen houdt rekening met drie dimensies tegelijk: neurologie, biochemie en biomechanica. Het ondersteunt een flexibel zenuwstelsel, een efficiënte energiehuishouding en een stabiel lichaam.

In een wereld waarin prikkels blijven toenemen, is ademen geen detail, maar een fundament. Niet als techniek die je “juist” moet uitvoeren, maar als een vaardigheid die je opnieuw leert afstemmen op wat je lichaam nodig heeft. Functioneel ademen is geen prestatie. Het is een vorm van zelfregulatie die rust, helderheid en veerkracht mogelijk maakt.

Het boek “AdemKracht”

Wil je je verder verdiepen in het verschil tussen functioneel en dysfunctioneel ademen, en begrijpen hoe ademhaling een sleutelrol speelt in stressregulatie, veerkracht en lichamelijk functioneren, dan nodig ik je graag uit om mijn recent boek AdemKracht te lezen.
In dit boek neem ik je stap voor stap mee in de fysiologie, de neurologie en de praktische toepassingen van ademhaling, met aandacht voor zowel dagelijkse klachten als performantie en herstel.

AdemKracht is verkrijgbaar bij de betere boekhandel of rechtstreeks bij de schrijver.

U bent mij excuses verschuldigd, mevrouw Demir. Voor laster. En eerroof. (10)

Ze dacht dat ze wou stoppen, tot ze begreep waarom het niet meer lukte

Over wat er gebeurt als inzicht in je gedragsdynamiek het verschil maakt tussen afhaken en heroriënteren.

Vorig jaar had ik een vraag naar studiekeuzebegeleiding van een laatstejaarsstudent Lager onderwijs. Ze zat vast,  wou er mee stoppen. De motivatie weg volledig was. De hele studie voelde zwaar, stroef, te veel van hetzelfde. Ze had er nochtans erg naar uitgekeken. Maar de realiteit viel tegen. Elk jaar een beetje meer.

We bekeken samen haar Gedragsdynamiek.

Daaruit kwam een duidelijke rode draad: veel dynamische en creatieve krachten. Ze leeft van afwisseling, contact, beweging, ideeën. Ze heeft verbeelding en flair, en vindt weinig energie in herhaling en strak omlijnde routines. En precies daar botst het voor haar. De opleiding, en later ook het werkveld, dat voelt ze al in haar stages, zijn sterk ingebed in een systeem dat draait op structuur, voorspelbaarheid en controle. veel administratie, vaste methodes, beperkte ruimte om iets nieuws te proberen.

Voor iemand die leeft van initiatief en variatie voelt dat benauwd.

Door inzicht te krijgen in haar Gedragsdynamiek kreeg haar demotivatie betekenis.
Ze begreep dat het lag aan de context waar ze tegen aan botste op dat moment, zowel in haar opleiding als in haar stages. Dat inzicht bracht rust en ruimte om verder te exploreren.

We onderzochten welke mogelijkheden er waren voor later in het werkveld, welke opties er nog waren om te schakelen, of om een extra jaar erbij te doen. We onderzochten welke verschillende onderwijssystemen er waren en welke daarvan het best aansluiten bij haar behoeftes.  

Het inzicht dat een bachelor lager onderwijs niet hoeft te betekenen dat je de rest van je leven voor de klas moet staan, bood haar perspectief. Het beknellende gevoel kon zakken. Het diploma biedt een stevige basis aan pedagogische, communicatieve en organisatorische vaardigheden die in veel sectoren gewaardeerd worden. ze ontdekte dat er mogelijkheden zijn binnen onderwijsvernieuwing, jeugd- en welzijnsprojecten, vorming en training, coaching, HR en volwasseneneducatie, L&D richtingen en zelfs jobs binnen sectoren waar ze helemaal niet aan zou gedacht hebben. Omgevingen waar haar energie en creativiteit wel ruimte kunnen krijgen.

Ze besloot haar opleiding af te maken, niet omdat het plots makkelijker werd, maar omdat ze weer een eindpunt zag waarin ze zichzelf herkende. Soms is dat wat studiekeuzebegeleiding doet: niet enkel helpen kiezen, maar helpen zien hoeveel ruimte er eigenlijk is. Vandaag mocht ik een mailtje van haar ontvangen. Ze werkt als opleidingsconsulent in een internationaal bedrijf. Blij dat ze heeft doorgezet, blij dat ze zo vlug een optie heeft gevonden die aansluit bij wat ze nodig heeft om te kunnen floreren.

Meer info over studiekeuzebegeleiding?

Of liever zelf aan de slag met deze methodiek als coach? https://fulfil.be/grip-op-talent/

pers

In de pers! Voormalig F-16-piloot wil iedereen beter leren ademen: “Begin met je ogen en gebruik dit soort zucht bij stress”

We ademen gemiddeld zo’n 17.000 – 20.000 keer per dag in en uit, maar doen we het ook goed? Samen met ademcoach en voormalig F-16-piloot Rudi Thoelen bundelden wij tien toptips uit zijn nieuwste boek: Ademkracht.

Waarom is het zo belangrijk om op een correcte manier te ademen? En hoe kan ik mijn ademhaling dan trainen? Het zijn allemaal vragen die beantwoord worden in Ademkracht, het nieuwste boek van ademcoach en voormalig F-16-piloot Rudi Thoelen. Dankzij zijn ervaring in extreem stressvolle situaties weet hij als geen ander hoe belangrijk het is om onze ademhaling onder controle te houden. “Want met de juiste ademhaling kun je je focus, energie en veerkracht aanzienlijk versterken.”

Klinkt het als een ingewikkelde opdracht om te ‘leren’ ademen? Geen nood. Wij doken samen met de auteur in zijn boek, en haalden er tien toptips uit.

1.  Leer ademen met je ogen

Een ademhalingsapp kan wonderen doen voor wie graag beter wil leren ademen. “Een van mijn persoonlijke favorieten is Paced Breathing”, zegt ademcoach Rudi Thoelen. De idee daarachter is dat je met je ogen een bolletje volgt op een curve. Klimt de bol omhoog? Dan adem je in. Daalt de bol weer? Dan adem je rustig uit.

Een soortgelijk principe past Thoelen ook toe tijdens zijn coachingsessies. “Als ademcoach moedig ik mensen aan om de krimpende en opzwellende beweging van een bol op een scherm te volgen. Ik stel het tempo voor hen in, en dat ritme houden we dan een aantal keren aan.”

2.  Houvast nodig? Investeer in een Moonbird

Het is klein, valt makkelijk in de hand en ziet eruit als een smal, langwerpig ei. “Een Moonbird is dé tool voor mensen die letterlijk willen voelen hoe ze moeten ademen”, zegt Thoelen. “Het werkt zo: terwijl het apparaat uitzet in je handpalm, adem je in. Wanneer het weer krimpt, adem jij samen met het toestel uit.”

Zelfs wanneer we ‘s avonds in bed kruipen, komt de Moonbird nog van pas. “Want dan willen we liefst onze ogen zo snel mogelijk toedoen, en hebben we geen zin meer om nog naar een ademhalingsapp te turen. Als je geluk hebt, heb je via zo’n Moonbird je ademhaling even snel onder controle. En val je ook direct in slaap.” Waarschijnlijk vind je dan ‘s morgens wel zo’n uitgerekt ei onder je lakens. “Maar dat kan geen kwaad. Dat toestel kan daar tegen.”

 

3.  Adem door de neus, niet door de mond

Door de neus ademen heeft heel wat voordelen. “Ten eerste zuivert, bevochtigt en verwarmt je neus de ingeademde lucht”, zegt Thoelen. “En net dankzij die warme, vochtige lucht worden je bloedvaten wijder, waardoor ze meer zuurstof opnemen. Je neus droogt dan ook minder snel uit.”

Maar er is meer. “Want omdat onze neus meer weerstand geeft dan onze mond, gaan we automatisch langzamer ademen. Dat stimuleert een gevoel van rust.” Daarbovenop boosten neusademhalingen ons immuunsysteem, slapen we er beter door, en krijgen we minder ziektekiemen binnen.

En wat met ademen door de mond? “Daar hangen heel wat nadelen aan vast. Want als we vervuilde lucht binnenkrijgen, kan dit onze keel irriteren of zelfs doen opzwellen. Daardoor wordt de luchtweg nauwer, waardoor iemand mogelijk begint te snurken.” Ook maken we zo minder speeksel aan. “En dat kan problemen bij de spijsvertering veroorzaken, of zelfs voor gaatjes en tandvleesontstekingen zorgen.”

Opmerking: Door de mond ademen is de uitzondering op de regel. Maar dat betekent niet dat we het volledig kunnen vermijden. “Tijdens een erg intensieve inspanning is een mondademhaling wél nodig, om zo meer zuurstof binnen te krijgen.” Toch associeert ons lichaam zulke ademhaling vaak met een vecht- of vluchtreactie. “Schakel daarom vlak na de inspanning weer over op de neus.”

4.  Neuriën maar

“Wanneer we door onze neus in- en uitademen, maken we stikstofmonoxide (NO) aan”, gaat Thoelen verder. “Dat stofje zorgt er bijvoorbeeld voor dat bacteriën, virussen en schimmelinfecties zich minder snel kunnen vermenigvuldigen.”

Hoe we zelf de hoeveelheid NO in ons lichaam kunnen verhogen? “Door te neuriën!

Want als we neuriën terwijl we door de neus uitademen, dan maken we liefst tien tot vijftien keer meer NO aan.” Die verhoogde NO-productie is trouwens ook erg nuttig voor astma-patiënten. Of voor mensen die regelmatig last hebben van luchtweginfecties of allergieën. “Want op die manier worden hun luchtwegen meer opengezet.”

En daar blijft het niet bij. “Zo stimuleert neuriën ook de aanmaak van endorfine en oxytocine. Dat laatste wordt ook wel het gelukshormoon genoemd.” Door te neuriën gaan we ook automatisch trager ademen, waardoor ons zenuwstelsel kalmeert. “Op die manier is het een natuurlijke manier om te ontspannen, en om ons stressniveau te doen dalen.”

Door golven te tekenen, zie je visueel hoe je ademhaling verloopt, zonder dat je er krampachtig op hoeft te letten

5.  Traag ademen is de boodschap

Een trage ademhaling is dus dé manier om tot rust te komen. Maar hoe doen we dat best? “Eerst moeten we nagaan of iemand van zichzelf al geen relaxerende ademhaling heeft. Dit doen we door te tellen hoe vaak iemand per minuut in- en uitademt, in een normale toestand. Ligt dit aantal rond de tien? Dan zit je goed.”

En wat als je veel hoger zit? “Dan komen er oefeningen aan te pas. Eentje die ik zelf graag aanleer, is golfjes tekenen op een blad papier.” Want door die golven zie je visueel hoe je ademhaling verloopt, zonder dat je er krampachtig op hoeft te letten. En bovendien is het dé manier om te stoppen met piekeren. “Omdat je hoofd focust op die motorische beweging en op je ademhaling, blijft er geen ruimte meer over om over allerlei andere zaken na te denken.” Dat werkt kalmerend.

Toch heeft iedereen er baat bij om de ademhaling zo nu en dan bewust te verlagen. Ook wie van nature al een relaxerend patroon volgt. “Dit doe je door af te bouwen naar zes ademhalingen per minuut, een tempo dat wetenschappelijk bewezen een positief effect heeft op je hartslag, bloeddruk en hersengolven. Concreet adem je vier tellen in, en dan zes tellen uit.” Waarom het uitademen langer duurt? “Omdat dat onze hartslag doet verlagen. En dat dringt stress terug.”

6.  Let op je houding

“Een goede houding zorgt voor een beter ademhalingspatroon”, zegt Thoelen. Maar wat verstaan we dan onder de ‘juiste’ houding? “Typisch bedoelen we daarmee dat je zit en staat met een rechte rug, met ontspannen schouders, en lichtjes gekantelde bekken.”

Maar toch maakt Thoelen een kanttekening. “Eigenlijk is de juiste houding de volgende houding. Daarmee bedoel ik dat je niet te lang op dezelfde manier mag blijven zitten of staan. Want anders verkrampen of verkorten je spieren. Zelfs als je de hele dag in een ‘perfecte’ pose op een stoel zit, kan dat op termijn rugklachten geven.”

7.  Adem via de buik

“Een buikademhaling gebeurt via ons middenrif, een spier die net als ons hart echt gemaakt is om te ademen”, gaat Thoelen verder. “Ons zenuwstelsel is gekoppeld aan onze ademhaling. En door via onze buik te ademen, geven we letterlijk het teken aan ons lichaam dat we ons in een rustige situatie bevinden.”

Dat ligt heel anders bij onze borst en schouders. “Want die spieren zitten bovenaan in ons lichaam. Ze kunnen zeker helpen bij de ademhaling, maar ze zijn er niet voor gemaakt om 24u aan een stuk het ademen te ondersteunen.” Op lange termijn kunnen borstademhalers zo een pijnlijke hals krijgen, of schouderklachten.

8.  Gebruik de ‘fysiologische zucht’

De fysiologische zucht: het is een concept dat ingewikkelder klinkt dan het is. “Want het enige dat je hoeft te doen, is twee keer inademen.” Hoe dat werkt? “Wel je ademt normaal in via de neus, en helemaal op het einde doe je er nog een kort pufje bovenop.”

“De zucht komt vooral van pas wanneer je je echt in een acuut moment van stress bevindt.” Denk hier aan de minuten vlak voor een belangrijke presentatie of sollicitatie, bijvoorbeeld. Best doe je dan op voorhand al een oefening, waarbij je bewust traag ademt – zo’n zes ademhalingen per minuut. “Blijf je vlak voor je belangrijk moment toch op het randje van een paniekaanval hangen? Dan duw je met die extra fysiologische zucht je stress in no-time naar omlaag.”

Goed leren ademen is geen ‘quick fix’

9.  Leer de koe- en kathouding aan

De koe- en kathouding is de ideale ademhalingsoefening voor mensen met rugklachten. Of voor diegenen die bijna letterlijk stijf van de stress staan. “Want bij stress verkrampen ook alle spieren boven en onder onze ademhalingspieren. Het middenrif werkt dan niet goed meer mee, en dus wordt een buikademhaling onmogelijk. Het kan zelfs zijn dat alle heupspieren door stress opspannen, of de schouders. Die trekken dan aan de ademhalingspieren, of houden het ademen tegen.”

Maar de vloeiende beweging van de koe-en kathouding kan er gelukkig voor zorgen dat we net die spieren trainen. Het werkt zo: “Ga op handen en knieën in tafelhouding zitten. Tijdens de koe-pose adem je in, laat je je buik zakken, open je je borst en til je je hoofd op. Tijdens de kathouding adem je uit, maak je je rug bol, breng je je kin naar je borst, en trek je je navel in.” Dit herhaal je zo’n acht tot tien keer, terwijl je het ritme van je eigen ademhaling volgt.

10.   Denk niet dat het een ‘quick fix’ is

Tot slot een soort mentaliteit waar we best van afstappen. “Mensen denken weleens dat ze met een keer oefenen direct levensveranderend resultaat kunnen boeken. Maar dat klopt natuurlijk niet. Goed leren ademen is geen ‘quick fix’. Het is iets waar we ons hele leven lang bewust mee moeten omgaan, en dat we ook regelmatig moeten trainen.”

INFO: Ademkracht van auteur Rudi Thoelen is sinds 29 september beschikbaar via Uitgeverij Lannoo, voor € 24,99 of via onze webshop

Jouw alineatekst (5)

Let’s talk about… – van samenwerken naar elkaar écht begrijpen

Tijdens een intervisie in een zorgteam vroeg ik hoe goed ze elkaar écht kenden.
Er volgde wat gelach. “We werken al jaren samen, natuurlijk kennen we elkaar,” zei iemand.

Ik legde een kaart op tafel met de vraag: Welke verwachtingen heb jij van je collega’s, maar spreek je zelden uit?
Er viel een lange stilte. Toen: “Ja, over zulke dingen, daar hebben we het eigenlijk nooit zo specifiek over,” zei iemand zacht.

Langzaam kwamen er toch verhalen. Over hoe vaak men aannam dat de ander wel wist wat nodig was. Over teleurstellingen die nooit benoemd waren. Over kleine misverstanden die groot konden worden, simpelweg omdat niemand de woorden of de ruimte had gevonden om ze te bespreken.

Dat gesprek was niet zomaar een uitwisseling van meningen. Het was een oefening in kwetsbaarheid.
Want om dit soort vragen te beantwoorden, moet er vertrouwen zijn. Vertrouwen dat je mag zeggen wat voor jou belangrijk is, zonder bang te hoeven zijn voor oordeel of verwijt.
En precies daarom werken Reflectiekaarten het best als er al een basis is.

Wat zijn Let’s talk about… – Reflectiekaarten?

Reflectiekaarten zijn gesprekskaarten die je uitnodigen om dieper te kijken – naar jezelf, naar elkaar en naar hoe jullie samenwerken.
Elke kaart bevat zowel persoonlijke vragen als teamvragen. Zo kan je ze gebruiken voor individuele reflectie, coaching of gezamenlijke gesprekken.

Het verschil met Snuffelkaarten

  • Snuffelkaarten zijn luchtig en laagdrempelig. Ze helpen je om elkaar te leren kennen en vertrouwen op te bouwen.
  • Reflectiekaarten gaan een stap verder. Ze brengen gesprekken op gang over verwachtingen, samenwerking, welzijn en waarden. Thema’s die pas echt vruchtbaar worden als er veiligheid is in het team.

Hoe gebruik je ze?

  • In duo’s voor één-op-één gesprekken
  • In teamverband als rondetafelgesprek
  • In coaching en intervisie als startpunt voor verdieping
  • Als vaste reflectiemomenten in een team dat al open communiceert

Gratis kaart als kennismaking

Benieuwd hoe zo’n gesprek eruitziet?
Download nu gratis onze kaart Are you ready to shake the VUCA…? een prikkelende uitnodiging om stil te staan bij hoe jij en je team omgaan met verandering, welke futureskills jullie willen ontwikkelen, en welke rol AI daarin kan spelen.

Gebruik de kaart in je team of voor jezelf, en ervaar wat er gebeurt als je het gesprek nét een laag dieper brengt.

📥 Download gratis de reflectiekaart Are you ready to shake the VUCA…?
🛒 Ontdek de volledige set van 10 kaarten: Let’s talk about… – Reflectiekaarten reeks 1

fx1_lrg

Nasale Ademhalingsvingerafdrukken: Ontdek je unieke patroon

Neus ademhaling: Een unieke vingerafdruk? 

Stel je eens voor: elke keer dat je ademt, creëer je een patroon dat net zo uniek is als je vingerafdruk. Klinkt als sciencefiction? Niet langer! Recente wetenschappelijke doorbraken laten zien dat onze neusademhalingspatronen zo persoonlijk en constant zijn dat onderzoekers ze ‘nasale ademhalingsvingerafdrukken’ noemen. En het wordt nog beter: deze “vingerafdrukken” kunnen verrassend veel onthullen over onze gezondheid en zelfs onze gemoedstoestand!

Wat is die ‘ademhalingsvingerafdruk’ precies?

Wetenschappers van het Weizmann Institute of Science en de Universiteit van Haifa hebben ontdekt dat de manier waarop lucht door onze neus stroomt, een uniek en herhaalbaar patroon vormt voor ieder van ons. Denk eraan als een verborgen code die wordt aangestuurd door de complexe netwerken in onze hersenen die onze ademhaling regelen – een proces waar we zelden bij stilstaan, maar dat fundamenteel is voor ons bestaan.

Hoe hebben ze dit ontdekt? De tech achter de doorbraak!

Om deze fascinerende patronen te ontrafelen, ontwikkelde het onderzoeksteam onder leiding van Timna Soroka en Noam Sobel een ingenieus, draagbaar apparaat. Dit kleine wondertje meet met ongekende precisie de luchtstroom in elk neusgat, en dat tot wel 24 uur lang! Zo konden ze de ademhaling van bijna honderd deelnemers continu monitoren, zowel overdag als ‘s nachts. Het resultaat? Een schat aan gegevens die deuren openden naar inzichten die voorheen ondenkbaar waren.

De adembenemende resultaten die de wereld verrassen:

  1. Je ademhaling verklapt wie je bent! Het meest verbazingwekkende is misschien wel dat de onderzoekers met maar liefst 96,8% nauwkeurigheid individuen konden identificeren, puur op basis van hun nasale luchtstroompatronen terwijl ze wakker waren. Zelfs tijdens de slaap, wanneer je ademhaling verandert, bleef de nauwkeurigheid indrukwekkend hoog. Het is alsof je neus stilzwijgend je identiteit fluistert!
  2. Een patroon dat blijft plakken! Deze ademhalingsvingerafdrukken zijn geen vluchtige momentopnames; ze bleken stabiel over lange periodes, van enkele maanden tot bijna twee jaar! Dit betekent dat jouw unieke ademhalingsritme geen toevalligheid is, maar een constant kenmerk van jou. Sterker nog, deze ademhaling was net zo betrouwbaar, of soms zelfs betrouwbaarder, dan stemherkenning om iemand te identificeren.
  3. Meer dan alleen lucht: je ademhaling vertelt over je lichaam en geest! Dit is waar het echt interessant wordt voor ons dagelijks leven. De gevoeligheid van deze ‘vingerafdrukken’ gaf de onderzoekers belangrijke hints over:
    • Fysiologische kenmerken: Denk aan je BMI (Body Mass Index) en je niveau van alertheid (arousal). Het lijkt erop dat de manier waarop je ademt, reflecteert hoe je lichaam functioneert.
    • Emotionele en cognitieve eigenschappen: Hier komt de echte verrassing! De ademhalingspatronen konden zelfs inzicht geven in aspecten zoals je angstniveau, depressieve klachten en zelfs bepaalde gedragstendensen. Dit suggereert een diepgaande verbinding tussen onze ademhaling en onze mentale en emotionele welzijn. Hoe fascinerend is het om te bedenken dat je ademhaling misschien al waarschuwingssignalen afgeeft voordat je je er zelf volledig bewust van bent?

De toekomst van jouw ademhaling: Een venster naar betere gezondheid?

De ontdekking van deze unieke en stabiele nasale ademhalingsvingerafdrukken heeft de potentie om een gamechanger te zijn in de medische wereld en daarbuiten. Stel je voor:

  • Vroegtijdige diagnose: Artsen zouden deze ‘ademhalingsvingerafdrukken’ kunnen gebruiken als een nieuw instrument om bepaalde aandoeningen in een vroeg stadium op te sporen, misschien zelfs voordat symptomen duidelijk worden.

  • Gepersonaliseerde zorg: Behandelingen en interventies kunnen in de toekomst nog beter worden afgestemd op de individuele behoeften van een patiënt, gebaseerd op hun unieke ademhalingspatroon.

  • Welzijn monitoren: Draagbare apparaten zouden continu jouw ademhaling kunnen volgen en je waarschuwen voor subtiele veranderingen die wijzen op stress, vermoeidheid of andere fysieke/mentale verschuivingen, zodat je tijdig actie kunt ondernemen.

Dit baanbrekende onderzoek, gepubliceerd in het prestigieuze tijdschrift Current Biology op 7 juli 2025, bevestigt op een krachtige manier de diepe, vaak onzichtbare, verbinding tussen onze ademhaling, ons brein en ons algehele welzijn. Het is een spannende stap richting een toekomst waarin onze ademhaling ons meer kan vertellen dan we ooit voor mogelijk hielden!

Auteurs van dit onderzoek: Timna Soroka, Aharon Ravia, Kobi Snitz, Danielle Honigstein, Aharon Weissbrod, Lior Gorodisky, Tali Weiss, Ofer Perl, en Noam Sobel.

Meer weten? Lees het originele artikel hier: Humans have nasal respiratory fingerprints

Loopbaanbegeidling zal blijven bestaan

Er wordt de laatste tijd veel gezegd en geschreven over loopbaancheques.
Maar één ding is duidelijk: de nood aan degelijke loopbaancoaching is groter dan ooit.

Mensen botsen op vragen over richting, zingeving, werkdruk, balans en motivatie. En die vragen verdwijnen niet, ook niet als het systeem rond de cheques verandert.

Loopbaancoaching is geen hype. Het is een vak. Een vak dat vraagt om goede opleiding, oefenkansen, en professionele fierheid.
In deze video vertel ik waarom wij jaren geleden gestart zijn met onze opleiding tot loopbaancoach en waarom we zo trots zijn dat die intussen erkend is als beroepskwalificatie.

Meer info: https://lnkd.in/eGEgMhWi
hashtag#Loopbaanbegeleiding hashtag#Beroepskwalificatie hashtag#Loopbaancoach hashtag#FulFil hashtag#CoachingMetImpact hashtag#KwaliteitInBegeleiding

iedereen beroemd thum

Naar de VUB met de Examentaxi ‘Iedereen Beroemd’

Het was eens wat anders…

Het was eens wat anders, opgepikt worden door de Examentaxi van Iedereen Beroemd, onderweg naar mijn examen aan de VUB.

Wat begon als een spannend ritje, werd een gezellige babbel over studeren op latere leeftijd, onverwachte loopbaanwendingen en de keuze om mijn hart te volgen richting psychologie.
We spraken over serieuze dingen — maar hebben vooral ook veel gelachen onderweg. 😄

🎥 Benieuwd naar het interview in Iedereen Beroemd?
En wie benieuwd is naar het bredere verhaal achter mijn keuze leest onder het filmpje hoe het begon.


Een zoekende start

Op mijn achttiende wist ik eigenlijk niet wat ik wilde. Mijn ouders wisten het wel, zij hadden duidelijke ideeën over mijn studiekeuze. Mijn papa, ingenieur, vond richtingen zoals psychologie of logopedie “te weinig wetenschappelijk”. Mijn mama vreesde dan weer voor een gebrek aan jobzekerheid. Zoals veel jongeren liet ik mij leiden door hun advies en schreef ik me in voor economische wetenschappen (TEW).

De waarheid? Ik kwam al totaal gedemotiveerd uit mijn laatste jaar humanoria wetenschappen A. Mijn eerste jaar aan de universiteit werd een flop. In plaats van te blokken, trok ik met vrienden naar Parijs. Het resultaat? Dikke buizen. Na het dreigement van mijn papa dat ik dan maar informatica aan de hogeschool moest gaan studeren om de familiezaak verder te runnen – er was niets wat mij nog meer kon demotiveren – beloofde ik beter mijn best te zullen doen en mijn studie serieus te nemen. Dus keerde ik terug naar TEW en beet ik door. Vanaf dat jaar zorgde ik er wel voor dat elk jaar geslaagd was, En om het draaglijk te maken genoot ik intussen met volle teugen van het studentenleven.

Na mijn diploma volgden specialisaties: een extra jaar Accountancy & Revisoraat aan unief. En na het afstuderen, gecombineerd met werken, drie jaar Fiscale Wetenschappen in avondschool een Hogeschool. Ik had namelijk het gevoel na al die theoretische studies dat ik niet écht iets had bijgeleerd. iets praktisch. Ondanks de specialisaties, ik werd er nooit echt warm van.


Klimmen binnen HR, maar niet kloppen vanbinnen

Na mijn studies, startte ik bij een KBC als kantoordirecteur. Dat vond ik vlug saai, te commercieel, en te wienig beleidsmatig. Elk jaar dezelfde campagnes, dezelfde acties, weinig autonomie. Om wat extra uitdaging te hebben besloot ik mijn mijn aggregaat te behalen om eventueel les te geven. Toch bleef ik bij de bank. Intussen was het al een gouden kooitje geworden. Toen kreeg ik de kans om intern over te stappen naar HR. Eerst als opleidingsconsulent, later groeide ik door tot hoofd van verschillende HR-diensten. Mijn laatste functie was die van hoofd interne mobiliteit. Onze dienst begeleidde mensen die vast zaten in hun job. We deden aan interne loopbaanbegeleiding.

Ik deed mijn werk met plezier, maar voelde ook frustratie: te weinig tijd, beperkte middelen, geen ruimte en mandaat om echt de diepte in te gaan. Vaak zat er meer achter een vastgelopen loopbaan dan ik kon aanpakken in mijn rol.

Het vertrouwen bij werknemers was ook niet vanzelfsprekend. Ze wilden hun worstelingen soms niet delen uit angst voor repercussies. Is HR wel te vertrouwen? Jullie staan toch in verbinding met de managers? Ik hoorde mensen zelfs zeggen dat ze welzijnsbevragingen positief invulden, gewoon omdat ze niet geloofden dat de resultaten écht anoniem waren.


De wake-upcall: een longembolie

En toen kwam die emotionele mokerslag: ik belandde in het ziekenhuis met een longembolie. Plots besefte ik: dit kan zomaar eindig zijn. Die ervaring confronteerde mij met de vraag: “Leid ik het leven dat ik wil leiden?”

Ik wou blijven doen wat ik deed, mensen begeleiden, maar dan als zelfstandige. Ik moest het ijzer smeden terwijl het heet was, en dat was nu. Mijn naaste omgeving zei ineens: ga voor je passie! Met die steun was ik klaar voor de sprong.


Drie kantelmomenten

Als ik terugkijk, waren er drie momenten die mijn definitieve switch in gang zetten:

  1. De longembolie – het fysieke én emotionele keerpunt.
  2. Het verhaal van Veerle – een vrouw die alles had gegeven binnen KBC, maar mentaal uitgeput was. Dat moment met haar was een kantelpunt. Ik zag voor het eerst zo helder wat het betekent om je niet te kunnen inzetten volgens je natuurlijke gedragsvoorkeuren. En hoe ondermijnend het is als je geen werkcontext meer hebt die bij je past. Toch bleef ook ik toen nog even hangen. Tot die longembolie me letterlijk tot stilstand bracht.
  3. De confrontatie met de vraag: “Leid ik het leven dat ik écht wil leiden?”

Het antwoord was duidelijk. Tijd voor verandering.


FulFil: van droom naar praktijk

Ik startte mijn eigen praktijk. Volgde opleidingen tot loopbaancoach, specialiseerde mij in talent -en competentiemanagement en verdiepte me verder in motivatie, gedragsdynamieken en -verandering.
Ik wilde de onderliggende dynamieken begrijpen en mensen écht in beweging krijgen.Ik wilde onder de oppervlakte werken. Daarom startte ik opnieuw met studeren, Ik volgde de bacheloropleiding gezinswetenschappen, een vierjarige psychotherapieopleiding, en verdiepte me in EMDR, brainspotting en andere therapeutische methodieken.

Mijn praktijk groeide en werd FulFil: een groepspraktijk, een erkend loopbaancentrum en een opleidingsbureau. Mijn economische achtergrond bleek alsnog een sterke troef om dit alles uit te bouwen.


Een boek geboren uit de praktijk

Tijdens die jaren merkte ik hoe vaak mensen vastliepen op vergelijkbare thema’s. Gebrek aan autonomie, disbalans tussen wie ze zijn en wat ze doen, een context die hun sterktes ondermijnt, of simpelweg: het gevoel dat ze zichzelf kwijt zijn in hun job. Die observaties, samen met mijn ervaringen binnen KBC en mijn werk als coach en therapeut, vormden de basis een ander idee. Een boek. Een manier om mensen te inspireren. In Get a Grip, hoe je in vier satappen je professionele toekomst zelf in handen in neemt, reik ik vier krachtige stappen aan om opnieuw grip te krijgen op:

  • je veerkracht (via kennis van het zenuwstelsel en de nervus vagus)
  • je leven (door zicht te krijgen op gedragsvoorkeuren, waarden en verlangens)
  • je werk (met inzichten uit onder meer de zelfdeterminatietheorie)
  • en je toekomst (door actie te koppelen aan zingeving)

Het boek is tegelijk een gids en een uitnodiging tot reflectie. Een manier om mensen opnieuw in contact te brengen met wie ze zijn én wie ze willen worden.


Terug naar de universiteit

De wetgever begon zich intussen te roeren. Psychotherapeuten zonder psychologiediploma kwamen onder druk te staan, en ook het maatschappelijk debat rond “de wildgroei aan coaches” laaide op. Hoewel ik weet dat ik goed ben in mijn vak, voelde ik de noodzaak om me steviger te verankeren. Zeker nu intussen ook de loopbaancentra onder druk staan.

En zo schreef ik me op mijn 50ste in voor de master klinische psychologie. Ik combineer nu elk jaar 36 studiepunten met mijn werk. Intussen sluit ik het bachelorgedeelte af en neem ik mijn eerste mastervak op. Een nieuwe, uitdagende combinatie, maar ik geniet ervan. Zoals je ook kunt horen in de aflevering van Iedereen Beroemd.


Wat ik geleerd heb

Ik heb altijd graag gewerkt bij KBC. Ik had er fijne collega’s en heb er veel geleerd. Maar ik voelde me er ook vaak de vreemde eend in de bijt. Soms verveelde ik me, soms werd ik uitgedaagd op domeinen waar mijn talenten niet lagen.
Ik geloof niet dat het gras aan de overkant groener is – maar ik weet wel dat je maar één leven hebt. En dat je het jezelf mag gunnen om daarin je volledige potentieel te leven.

Vandaag doe ik precies dat. Ik werk met mensen, voor mensen. En ik blijf mezelf ontwikkelen, zowel in kennis als in ervaring. En ik probeer hen te helpen bij wat ik zelf ooit voelde: dat je verloren kunt lopen in een carrière die niet bij je past, dat het moeilijk is om los te laten wat ‘zeker’ lijkt, dat je pas verandert als je niet anders meer kunt.

En misschien wel de kern van alles:
Dat het nooit te laat is om opnieuw te kiezen.
Om opnieuw te beginnen.
Om je vleugels te spreiden.


DSC05179

Wat gedragsvoorkeuren onthullen: het verhaal van Tom

Gedragsvoorkeuren als kompas: Toms verhaal

Veel professionals worstelen met dezelfde vragen:
“Wat doe ik écht graag?”, “Ben ik wel oké zoals ik ben?”, en “Waar ben ik eigenlijk goed in?”

Tom kwam bij ons met precies deze vragen. Hij zat vast. Bovendien kreeg hij vaak de opmerking dat hij “niet voldoende stilstaat bij dingen”. Vreemd, vond hij, want net dat actieve, snelle schakelen gaf hem een goed gevoel. Tijd dus om te kijken waar dat verschil in beleving vandaan kwam.

De Aanpak: Gedragsvoorkeuren in Kaart

Om die vraag te beantwoorden, gingen we samen met Tom aan de slag met een grondige analyse van zijn gedragsdynamiek. Hij startte met een uitgebreide zelfinschatting op basis van 40 gedragsindicatoren, gebaseerd op het vijffactorenmodel. Maar daar stopten we niet. 

Tom vroeg ook aan drie mensen uit zijn omgeving hoe zij hem concreet zien handelen, niet in theorie, maar in de dagelijkse praktijk.
Dat leverde een rijk en gelaagd beeld op: één van binnenuit én één van buitenaf. Precies die combinatie maakt de analyse zo krachtig.

Van analyse naar dialoog

De gegevens zijn één ding, de betekenis ervan is iets anders. Daarom gingen we daarna in dialoog met Tom — geen standaard advies, maar een reflectief en verdiepend gesprek. We verkenden hoe gedragsindicatoren elkaar beïnvloeden, welke patronen er zichtbaar worden in bepaalde contexten, en vooral: wat dat zegt over Toms energie, stressregulatie en werkgeluk.

Zo kreeg Tom een scherp, maar genuanceerd beeld van zichzelf — én begon hij zichzelf beter te begrijpen.

Belangrijke inzichten voor Tom

In het gesprek kwamen energiegevers en energievreters helder naar boven.
Wat geeft Tom vleugels? Waarop loopt hij leeg?

Hij ontdekte dat hij veel energie haalt uit zaken als creatief denken, gestructureerd werken, samenwerken en initiatief nemen. Tegelijk merkt hij dat andere gedragingen, zoals innerlijke beschouwing of pionieren in onbekend terrein, hem net veel energie kosten.

Maar zo’n lijst is slechts een eerste aanzet. De echte waarde zit in het begrijpen waarom dat zo is — en hoe deze voorkeuren samenhangen met zijn stressverwerking, werkstijl en sociale dynamiek.

Tom krijgt energie bij:  
Verbeeldend creëren
Weetgierig tonen  
Praktijk- en resultaatsgericht werken
Gestructureerd nauwkeurig werken
Organiseren
Tactisch handelen
Van nature arbeidszin tonen Doorzetten
Ethisch handelen
Empathie tonen
Vertrouwen geven
Je behulpzaam tonen
Je gul tonen
Je flexibel opstellen Samenwerken  
Zelfregulerend handelen
Steun vragen als dat nodig is Standvastigheid tonen Autonoom handelen  
Actief bewegen
Sociale belangstelling tonen Ondernemen
Risico nemen
Optimisme tonen  
Voor een gezellige sfeer zorgen Sociaal netwerken  
Terwijl hij energie verliest bij:
Artistiek creëren
Innerlijk beschouwen
Pionieren  

Stressregulatie: op zijn manier

Een belangrijke eyeopener voor Tom was hoe hij omgaat met stress.
Waar anderen rust vinden in stilte en meditatie, merkte hij dat dat hem juist onrustig maakt. Waarom?

Omdat hij stress reguleert via actie:
• Bewegen
• Sociale interactie
• Structuur aanbrengen
• Praktisch bezig zijn

Voor Tom is “gewoon doen” geen vlucht, maar een natuurlijke reguleringsstijl. Hij laadt sociaal op, sport, en gaat weer verder. Zijn energieniveau blijft redelijk stabiel, zonder sterke pieken of dalen.

Belangrijk was de erkenning dat ook dát oké is — dat zijn manier niet minderwaardig is aan de meer klassieke “traagheid als oplossing”-aanpak die vaak gepromoot wordt. Voor Tom viel er op dat moment veel op zijn plaats. Hij had vaak het gevoel dat hij abnormaal was en niet voldeed aan het beeld dat hij ‘moest hebben’ volgens mensen uit zijn omgeving. Het feit dat Tom veel energie verliest aan ‘innerlijke beschouwing’ valt opeens op zijn plaats.

Creatief denken in verbinding

Een interessante combinatie bij Tom is zijn sterke voorkeur voor verbeelding terwijl innerlijke beschouwing juist energie kost. Dit verklaart waarom hij:

  • graag tot ideeën komt, maar niet door alleen te reflecteren
  • liever luidop samen met anderen tot concepten komt
  • goed kan visualiseren hoe ideeën eruit kunnen zien

Ook de combinatie met praktijkgericht handelen is interessant: Hij heeft veel fantasie, maar hij koppelt die snel ook weer terug aan praktische toepasbaarheid. Je zou kunnen zeggen dat elkaar wat afremmen. En zo voelt het ook letterlijk voor hem zegt Tom.

Empathie op Zijn Manier

Een andere interessante combinatie waarbij innerlijke beschouwing een belangrijke rol speelt is in de combinatie met empathie. Toms empathie is voornamelijk cognitief en minder affectief. Hij wil zich cognitief inleven in de ander, maar zonder diepe innerlijke beschouwing. Hij leeft zich in door situaties te visualiseren, maar heeft minder behoefte aan het emotioneel invoelen. Hij ziet de situatie van de ander voor zich en wil er rekening mee houden en zich aanpassen, zonder dat hij daarbij overspoeld zal raken.

Het zijn maar een enkele combinaties die we hier toelichten. Maar voor Tom gaat er een wereld open na het hele gesprek. Hij komt tot inzichten over zichzelf en daar is hij erg dankbaar voor.

Maar daar stopt het niet. Tom krijgt ook nog inzichten in waarom bepaalde werkomgevingen en -stijlen beter bij hem passen en andere niet. Een aantal voorbeelden:

  1. Sociale werkomgeving – Tom heeft sterke behoefte aan collega’s en teamwerk
  2. Korte projecten – Kortere projectwerking van bijvoorbeeld drie maanden spreekt hem aan
  3. Nood aan doen en implementeren, operationele omgeving
  4. Relatiebeheer en accountmanagement in plaats van pure prospectie
  5. Ethisch verantwoorde (verkoop)omgeving – Hij vindt de klik belangrijker, het moet een win-win zijn. Tom heeft een waardengedreven visie die doorweegt bij zijn keuzes
  6.  Zelfstandig Ondernemerschap? Voor zijn vraag over freelancen of ondernemen bleek dat hij als zelfstandige het team zou missen, en dat de mate van autonomie sterk zou afhangen van zijn branche. Tom heeft een sterk sociaal profiel, wat betekent dat alleen werken hem waarschijnlijk energie zou kosten. Dat bevestigt hij ook.
  7. Nood aan autonomie: ‘moeten’ werkt voor Tom als een rode lap, regelvrijheid en keuzevrijheid staan voorop

Wat neemt Tom mee?

Tom rondt het eerste deel van het traject af met een helder en verdiepend inzicht in zichzelf, ondersteund door een persoonlijk verslag. Dat bundelt niet alleen zijn gedragsvoorkeuren, maar ook zijn valkuilen, energiehuishouding, groeipotentieel en de omgevingen waarin hij optimaal functioneert.

In het volgende deel gaat Tom actief aan de slag met het verkennen van concrete jobmogelijkheden. Tijdens een vervolggesprek stemmen we die opnieuw zorgvuldig af op zijn gedragsdynamisch profiel zodat keuzes niet alleen passen op papier, maar ook in de praktijk.

En jij?

Herken jij jezelf in Toms verhaal?
Vraag jij je ook af wat jou energie geeft, wat echt bij je past, of waarom je soms botst met je omgeving?

Dan is een reflectieve dialoog op basis van gedragsvoorkeuren misschien ook iets voor jou.
✅ Je ontdekt wat jou motiveert
✅ Je begrijpt waarom bepaalde werkomgevingen niet passen
✅ Je krijgt handvatten om duurzame keuzes te maken

📍 Meer weten? Neem vrijblijvend contact op via: https://fulfil.be/loopbaancoaches/

Werk je als coach en wil je zelf met deze methodiek aan de slag?
📚 In onze opleiding Coachen met gedragsvoorkeuren leer je hoe je dit concreet toepast in jouw praktijk — inclusief beroepskwalificatie tot loopbaancoach: https://fulfil.be/open-aanbod/

Tom is een verzonnen naam. Het verhaal is gebaseerd op een echt traject, met respect voor de privacy van de cliënt.